Parijs: opkomende wijken

14 januari 2011 14:48
In tegenstelling tot wat wel wordt beweerd, is Parijs geen hoofdstad die maar weinig verandert. Zoals de Marais – dertig jaar geleden een vervallen buurt, nu een toeristische trekpleister – zijn er andere delen van de stad die van gedaante wisselen. Over twee steeds hipper wordende wijken in het negende en het elfde arrondissement.
Tekst René Joseph/InnerFrance
Fotografie Pieter Nijdeken
Adressen Nicky Bouwmeester

In het 9e:

SoPi, modieus en intiem
Pigalle heeft al een tijdje zijn glans verloren. Was de wijk aan de voet van Montmartre anderhalve eeuw geleden een bruisend uitgaansgebied met de Moulin Rouge als stralend middelpunt, nu is het een vrij somber stukje Parijs met sekswinkels, prostituees en dronkaards. Verrassend daarom dat maar een paar honderd meter verderop een geheel nieuwe buurt aan het opbloeien is: SoPi. De naam staat voor South Pigalle, geïnspireerd door Soho, maar terwijl die hippe wijk in Londen beroemd is, zul je SoPi niet op een toeristische plattegrond tegenkomen. De naam wordt nu alleen nog gefluisterd door modieuze Parijzenaren die de wijk voorlopig graag voor zichzelf houden. SoPi begint een paar straten ten zuiden van de Boulevard de Clichy en houdt op rond de kerken Sainte-Trinité et Notre Dame-de- Lorette. Het gaat om twee vroegere voorsteden van Parijs, de faubourgs Nouvelle Athènes en Saint-Georges, die sinds hun ontstaan, bijna tweehonderd jaar geleden, altijd kunstenaars hebben aangetrokken. Begin negentiende eeuw kon je hier schilder Eugène Delacroix, componist Frédéric Chopin en zijn muze, de schrijfster George Sand tegenkomen. Tegenwoordig houden modeontwerper Jean-Paul Gaultier, actrice Audrey Tautou en Philippe Katerine (een modieuze Parijse zanger) de artistieke traditie levend. Ook wordt SoPi bevolkt door bobos (bourgeois-bohèmes, vrij vertaald: vrijzinnige yuppen) die meekwamen met de vele muziekstudio’s en productiemaatschappijen die zich in de wijk vestigden. Zij wonen nu in de huizenblokken rond de Rue de la Tour-des-Dames, die vanaf 1820 speciaal voor de kunstenaars en acteurs werden gebouwd. Victor Hugo, Toulouse-Lautrec en Gustave Moreau, bijvoorbeeld, hadden er hun ateliers in de buurt. Dat van Moreau is nog altijd te bezichtigen; het is een van de mooiste en tegelijk minst bekende musea van Parijs. Je kunt er op drie etages het universum van deze belangrijke vertegenwoordiger van het symbolisme ontdekken.

Bovenop het indrukwekkende pand van een voormalig elektriciteitsstation, aan de Rue de la Tour-des-Dames, wapperen twee kleine Tibetaanse vlaggen. Typerend voor de wijk, standpunten worden hier discreet geuit. Vooral die relatieve kalmte is aantrekkelijk, zo vlak bij het lawaaiige Pigalle. Er zijn sjieke gevels van herenhuizen die hier tijdens de Restauratie (1814-1830) en het Tweede Keizerrijk (1852-1870) verrezen. Vele daarvan zijn gebouwd voor beroemde courtisanes – ze waren half artiest, half prostituee – die in hun boudoirs de beau monde van Parijs ontvingen. Ze kregen de bijnaam lorettes, omdat ze in de buurt van kerk Notre-Dame-de-Lorette woonden. Tegenwoordig zijn veel van deze hôtels particuliers in bezit van banken en verzekeraars, maar eentje is aan de huizenkoorts ontkomen. Op nummer 16 van de Rue Chaptal vind je, aan het einde van een smalle steeg, het Musée de la Vie romantique. Dit neoklassieke woonhuis van Ary Scheffer, een Franse schilder van Nederlandse origine, was in de jaren 1830 een belangrijke ontmoetingsplek voor romantische kunstenaars. Er zijn nu mooie tentoonstellingen* en een theetuin waar buurtbewoners onder de oude beuk hun krant komen lezen.
Tot voor kort was dit geen wijk waar Parijzenaren voor omreden, maar dat is de afgelopen drie jaar aan het veranderen. Trendgevoelige twintigers, dertigers en veertigers komen af op de nieuwe biologische restaurants, trendy kappers, internationale eetzaken en delicatessenwinkels. Vooral rond de Rue des Martyrs wordt de wijk steeds levendiger. Dat is mede te danken aan het trendy hotel Amour dat een paar jaar geleden in de zijstraat Rue Navarin is geopend. Een ontmoetingsplek voor hedendaagse kunstenaars: Sophie Calle, Pierre Le Tan en Marc Newson richtten er hotelkamers in. Een van de eigenaren is de bekende Parijse graffitikunstenaar André. Door al deze ontwikkelingen begint SoPi een heel eigen identiteit te krijgen – romantisch en hip tegelijk. Op nummer 12 van de Rue Victor-Massé hangt een bordje: “Passant arrête-toi, cet édifice fut consacré aux Muses et à la Joie par Rodolphe Salis. Il y logea le fameux Cabaret du Chat Noir 1885-1886” (“Voorbijganger, stop voor dit gebouw dat door Robert Salis aan de muzen en de vreugde werd gewijd. Hij huisvestte hier zijn beroemde Cabaret du Chat Noir”). De zwarte kat, beroemd van het nostalgische affiche dat je in alle toeristenwinkels kunt kopen, is hier als icoon van romantisch Parijs helemaal op zijn plek.

ZIEN & BEZOEKEN
* Rue de la Tour-des-Dames Gevels die typerend zijn voor de bouwstijl van Nouvelle Athènes.
Musée Gustave Moreau Een van sfeervolste kleine kunstmusea van Parijs. 14 rue de La Rochefoucauld, www.musee-moreau.fr
* Square Saint-Georges Charmant plein met monumentale panden: op nummer 27 woonde staatsman Adolphe Thiers en op nummer 28 La Paiva, een van de beroemdste courtisanes van de negentiende eeuw.
* Musée de la Vie romantique Museum in het vroegere huis van kunstenaar Ary Scheffer, vol memorabilia van George Sand. Met kleine theetuin en wisselende exposities in de atelierruimtes. 16 rue Chaptal, www.vie-romantique.paris.fr
Square d’Orléans In deze drie achter elkaar liggende binnenplaatsen woonden Chopin, George Sand en andere romantische kunstenaars (ingang via 80 rue Taitbout, doordeweeks is de toegangsdeur open).

WINKELEN

Rue des Martyrs Straat met modewinkels, lunchadressen (zie verderop) en leuke speciaalzaken. O.a.:
Première Pression Provence Olijfolie van kleine producenten uit de Provence in nieuwe winkel van Olivier Baussan (oprichter van Oliviers & Co en l’Occitane). (nr. 9)
*Käramell
Honderden soorten zoetigheden in snoepwinkel van Scandinavische eigenaresse. (nr. 15)
*Papilles Gourmandes
Ouderwetse delicatessenwinkel met specialiteiten uit heel Frankrijk. (nr. 26)
*3 par 5
Verrassende woonspullen, serviesgoed en accessoires. (nr. 25-27).
*Caramella
Een hit, deze ambachtelijke ijszaak met opvallende smaken. (nr. 47)
*Arnoud Delmontel
Beroemde bakker met spectaculaire macarons en prijswinnende baguette (nr. 39).
* NoGood Store Trendy concept store, wordt wel ‘mini-Colette’ genoemd, naar het designwarenhuis aan de rue Saint-Honoré (nr. 52).

Rue ClauzelZijstraat van de Rue des Martyrs met vintagekledingzaken Troc en Stock (nr. 6) en Les Ondines (nr. 9), tweedehands kinderkleren bij Les P’tits Bo’Bo (nr. 7) en Zach & Sam (nr. 13), een van de weinige Parijse dépôts-vente gespecialiseerd in mannenkleding, waaronder veel showmodellen van chique merken.

En ook in de buurt

*La Cabine
Begin dit jaar geopend, leuke vrouwen- en kinderkleding van originele merken. 20 rue Milton
*Galerie Saint-Georges
(Kinder)meubelen, oude schoolplaten en andere decoratie in brocantestijl. 32 place Saint-Georges
*Ubé Ulé
Gezellig volle kinderwinkel met door de eigenaressen zelf ontworpen kleding en knuffels van Anne-Claire Petit. 59 rue Condorcet

ETEN & DRINKEN
Rose Bakery Gezond en hip lunchadres met hartige taarten, borden vol crudités en salades. 46, rue des Martyrs
L'Epicerie Fuxia
Nieuwe keten van Italiaanse restaurants die opduikt in alle modieuze wijken van Parijs. Goede antipasti, salades en pasta’s. 25 en 75 rue des Martyrs
La Family
Hapjes uit de hele wereld (noedels, mezze, tapas) en biologische vruchtensappen in modern vormgegeven restaurant. 20 rue des Martyrs
Le cul de poule
Gekke naam voor sympathiek adres met uitstekend prijs-kwaliteitverhouding (menu € 22 - 26). Reserveren: (0033) 1 53161307. 53 rue des Martyrs
Hôtel Amour
Grootste attractie van dit trendsettende hotel-restaurant is het terras in de achtertuin. De (lunch)kaart is eenvoudig maar niet duur. 8 rue Navarin
No stress café
Koffie of lunch op een groen pleintje met klassieke Parijse reclamezuil. 2 place Gustave Toudouze
Chez vous Interieur ‘alsof je thuis bent’ en een klassieke Franse kaart. 15 rue Choron
Chez Georgette
De ultieme bistro. Simpel interieur met formica tafeltjes, maar Georgette is een persoonlijkheid die tovert met vergeten groenten en daube de boeuf. 29 rue Saint-Georges
Le César
Deense tapas en cocktails. 34 rue de la Tour d’Auvergne
Bocata Spaanse cuisine in eigentijds decor. 31 rue Milton

SLAPEN
Designhotel Le Chat Noir op Boulevard Clichy (vanaf € 69 p.p.p.n.) of het klassiekere La Tour d’Auvergne Opéra (vanaf € 54 p.p.p.n.) – beide te boeken via www.frankrijk.nl


In het 11e:

Faubourg Saint-Antoine, revolutionair
Op 14 juli 1789 triomfeert in Parijs het volk. Het bestormt de Bastille, een oude burcht aan de oostkant van de stad die is veranderd in een staatsgevangenis. Er blijken op dat moment slechts zeven gevangen opgesloten te zitten, maar dat maakt weinig uit: een belangrijk symbool van de onderdrukking is gevallen. Veel van de revolutionairen van het eerste uur komen uit de Faubourg Saint-Antoine, de voorstad onder de rook van de burcht. Het is een licht ontvlambare wijk, een broeinest van rellen en opstanden. In dit doolhof van stegen, binnenplaatsen en passages woont een leger onafhankelijke ambachtslieden: veel brouwers en vooral houtbewerkers die meubels leveren voor de kastelen en herenhuizen van de adel. Ze hebben zich hier gevestigd vanaf de vijftiende eeuw, toen de koning aan de gildes rond de abdij Saint-Antoine-des-Champs speciale rechten verleende. De economische en sociale vrijheid die daaruit voortkwam, voedde een kritische houding ten opzichte van iedere vorm van gezag.
Van de Bastille is niets meer over. De burcht werd nog tijdens de Revolutie afgebroken en steen voor steen verkocht als souvenir, net zoals eeuwen later de Berlijnse muur. Tegenover de plek waar de gevangenis stond, staat sinds 1989 de moderne Opéra de Paris met zijn façade van glas, beton en metaal. Achter de opera heeft de voormalige voorstad zijn volkse en ambachtelijke karakter tot op zekere hoogte behouden. De Rue du Faubourg-Saint-Antoine, in oostelijke richting, is nog altijd grotendeels aan meubelwinkels gewijd. Er hangen uithangborden van eigentijdse merken – Ligne Roset, Cinna en Habitat – naast oude namen, zoals Maison Hugnet, dat sinds 1846 op nummer 69 is gevestigd. Maar de straat is eigenlijk maar een façade, een toneeldecor waarvan je de coulissen moet zien te vinden. Want in de achttiende en negentiende eeuw waren er aan de straatkant alleen woonhuizen en zaten de ateliers daarachter aan binnenplaatsen. Die cours zijn er nog: op verschillende plekken kun je ze via passages bereiken. En dan gaat er een verrassende wereld voor je open van geplaveide straatjes en met klimop begroeide pleintjes. Iedere passage heeft zijn eigen sfeer. De grootste is de Passage du Cheval Blanc, die vlak bij de Place de la Bastille begint (2 rue de la Roquette) en uitkomt op de Rue du Faubourg-Saint-Antoine. Het is een klein doolhof van meerdere binnenplaatsen en stegen waarvan de voormalige ateliers tegenwoordig worden gebruikt door advocaten, architecten, een fotoagentschap en een radiozender. De smalle Passage du Chantier, aan de overkant van de Rue du Faubourg ter hoogte van nummer 66, zit nog vol met antiekwinkels, klassieke meubelzaken en ook de winkel van Xavie’Z, een moderne Belgische keukenontwerper. Een stukje verderop, op nummer 81, in de Cour des Trois Frères, komt de geur van vernis nog altijd uit de ramen van de ateliers Arnay. Op 89, in de Cour de la Maison Brûlée, klinkt hamergeklop en gezaag bij François Janrys, een houtbewerker. Zijn buurvrouw is uitgeefster Viviane Hamy. In een zijstraat van de naburige Rue Charonne zit de groene Passage de l’Homme, waar vernisspecialist (vernisseur au tampon) Hollard werkt naast een architectenbureau in een voormalige stoelenfabriek. Heel kenmerkend voor de verandering die zich de afgelopen jaren in deze wijk heeft voltrokken. Veel ambachtslieden zijn ermee opgehouden of de stad uit getrokken, en in de passages zijn steeds meer nieuwe beroepen te vinden: uitgevers, grafici, fotografen, webdesigners, reclamemakers. Van de circa veertig bronswerkers die er twintig jaar geleden nog waren, zijn er nu nog maar een stuk of vijf over. Een van hen is Schmidt, met zijn prachtige art-deco-ijzerbeslag in de Passage de la Main d’Or, waar ook de ambachtelijke verven van Emery & Cie te koop zijn. Een andere is Cédric Terroir, in de Passage Josset, die onlangs het koperen sluitwerk van de Spiegelzaal in Versailles mocht vervangen.
Eigenlijk kun je deze wijk het beste ontdekken door lukraak rond te dwalen door straten en doodlopende stegen. Dan loop je tegen het kerkje Sainte-Marguerite aan, waar op een afgesloten kerkhof slachtoffers van de guillotine liggen. Of tegen het Pure Café, op de hoek van de Impasse Franchemont en de Rue Jules Macé, een café dat wel het decor voor een film over de jaren dertig lijkt, met zijn ovalen zinken bar, sierlijsten aan het plafond en art-decolampen. Ook tref je in deze wijk de industriële architectuur van de vroegere groothandel Boutet, met mozaïeken aan de gevel (22 rue Faidherbe). Of het zinken dakraam van een voormalig cabaret in de winkel Muji (91 rue du Faubourg-Saint-Antoine). Door de bijzondere sfeer raakt de wijk in de mode en komen er steeds meer moderne winkels en eetgelegenheden, maar toch blijft de buurt vol verrassingen. Als je de deur op nummer 75 van de Rue du Faubourg-Saint-Antoine binnengaat, kom je in de Cour de l’Etoile. Een oase van rust. Op maar een paar meter van de drukke winkelstraat sta je opeens, als in een dorp, tussen roze oleander, wingerd, bomen en huizen. Op de muur een zonnewijzer uit de zeventiende eeuw. Je zou de steden naar het platteland moeten verplaatsen, zei de komiek Alphonse Allais. Op deze plek is dat gelukt.



ZIEN De cours en passages van de Faubourg Saint-Antoine zoals Passage du Cheval Blanc, Passage de l’Homme, Passage de la Main d’or, Passage de la Bonne Graine, Cour du Bel-Air, Passage du Chantier en Cour de l’Etoile d’or. En natuurlijk de ateliers van de laatste ambachtslieden en meubelmakers van de wijk, zoals de in de reportage genoemde adressen.

WINKELEN

Rue Charonne
*La Fée maraboutée Zeer vrouwelijk Frans merk met mooie blouses, tunieken, vestjes (nr. 11).
*Isabel Marant Winkel van de steeds bekender wordende Parijse ontwerpster (nr. 16).
*Sessùn (kledingmerk uit Marseille), Delphine Parente (tassen en sieraden), FrenchTrotters (hippe mode- en kunstwinkel *van twee fotografen) (alle drie op nr. 30).
Almost famous Trendy mode van jonge ontwerpers (nr. 33).

In de buurt:
*Les Fleurs
Een winkel als een boudoir, afgeladen met hebbedingen: sieraden, tassen, cadeautjes. Zijstraat van Charonne, 6 passage Josset
*Emercy & Cie
Prachtige verf en keramiektegels (art deco, Marokkaans, Nepalees). 22 passage de la Main d’Or
Muji Soort Japanse Hema met sober vormgegeven gebruiksvoorwerpen, zoals ordners, opbergdozen en reisaccessoires. 91 rue du Faubourg-Saint-Antoine

Rue Faidherbe
*Quincaillerie Au Progrès
Een blik waard, deze winkel met deurknoppen, handvatten en beslag waar de tijd lijkt te hebben stilgestaan (nr. 11a).
*Sensitive et Fils
Woon- en cadeauwinkel met kleurrijke spulletjes uit alle windstreken (nr. 31).
*Le Parti du Thé
(Bio)thee uit meer dan vijftien landen (nr. 34).
*La Croix & la Manière
Linten, garen en andere handwerkbenodigdheden (nr. 36).
*Carouche
Brocantewinkel met bijzondere objecten uit Frankrijk en Amerika. In zijstraat van Rue Faidherbe, tegenover Pure Café)

Rue Paul-Bert
*La Cocotte
Minitheesalon en kookboekenwinkel (met een Engelstalig hoekje) (nr. 5).
*Crus & Découvertes
Winkel van een jonge wijnkenner gespecialiseerd in vins naturels (‘meer dan bio’-wijnen) (nr. 7).
*En Ville Vintage
Tweedehands vrouwen- en mannenmode uit de jaren zestig, zeventig en tachtig (nr. 13).

ETEN & DRINKEN
*Pause Café
Druk bezocht lunchcafé met jarenvijftiginterieur en groot terras. 41 rue Charonne
*Le bar à soupes
Soep-afhaalwinkel naar New Yorks voorbeeld. 33 rue Charonne
*Bistro du Peintre
Mooi nostalgisch adres (jarentwintigdecor) voor een kop koffie. 116 avenue Ledru-Rollin
*Le Pure Café
Bar-bistro in jarendertigstijl, met een oude zinc in het midden. 14 rue Jean-Macé.
*Bistro Paul-Bert
Een van de beste klassieke bistro’s van Parijs. Menu € 34, lunch € 18, 18 rue Paul-Bert, (0033) 1 43722401
*L’Ecailler du Bistrot
Van dezelfde eigenaar als Paul-Bert een deur verder, visrestaurant met uitstekende fruits de mer en oesters. 22 rue Paul-Bert
*Le Temps au Temps
Lang een goed bewaard geheim, dit restaurantje met slechts 26 couverts. Originele en kwalitatieve keuken van Baskische chef. Menu € 29, 13 rue Paul-Bert, (0033) 1 43796340
*Bistro au Vieux Chêne
Sfeervol adres met een verdiende vermelding in de GaultMillau. 7 rue du Dahomey
*Caffè dei Cioppi
Moderne trattoria met vijftien zitplaatsen binnen en klein terras verscholen in de Passage Saint-Bernard. Ingang: 159 rue du Faubourg-Saint-Antoine
*Aux Tontons les Flambeurs
Gemoedelijk buurtrestaurant met cuisine du sud-ouest met Spaanse invloeden. 8 rue de la Main d’Or

SLAPEN
Color Design Hotel (vanaf € 69 p.p.p.n.) of budgethotel Le Quartier Bastille (vanaf € 55 p.p.p.n.), beide te boeken via www.frankrijkhuis.nl.
Logeren in een passage? Chambre d’hôtes Bastille, zolderkamer van 18 m2 voor twee personen, € 80.


Dit artikel is gepubliceerd in En France 3-2009. Let op: prijzen, adressen en openingstijden kunnen sindsdien veranderd zijn.
Share |