Lyon

16 december 2011 12:55
Tweeduizend jaar geschiedenis ligt er aan je voeten en ook op het gebied van musea, winkels en restaurants heeft Lyon veel te bieden voor een weekendje weg. Vijf redenen voor een bezoek aan deze veelzijdige stad.

Beeld Marie-José Jarry






1. Le Vieux Lyon, op de rechteroever van de Saône, vormde in de middeleeuwen en de renaissance het hart van de stad. De prachtige renaissancehuizen van goudgele kalksteen (pierre dorée) en de bijzonder harmonieuze architectuur van de kathedraal Saint-Jean zijn de moeite waard. De grootste verrassing zijn echter de traboules: verborgen doorgangen die van de ene straat naar een andere gaan en daarbij soms meer dan drie binnenplaatsen kruisen. Ze voeren langs sierlijke waterputten, beschilderde galerijen en diep uitgesleten wenteltrappen. Van de totaal 230 traboules in Lyon zijn er overdag veertig open voor publiek.



2. La Croix-Rousse is niet alleen de naam van een wijk, maar ook die van de heuvel waar deze wijk op is gevestigd. De zijde-industrie van Lyon verhuisde begin negentiende eeuw naar deze plek, omdat de grote weefmachines die toen in gebruik raakten om hogere gebouwen vroegen.
Ondanks de hier en daar nog zichtbare armoede die ooit de hele wijk tekende, is La Croix-Rousse sinds enige jaren in ontwikkeling. De komst van bobos (bourgeois-bohémiens) heeft de bonte melange van immigranten, arbeiders, studenten en kunstenaars nog niet aangetast. La Croix-Rousse bruist van de bedrijvigheid en er hangt een vernieuwende, beetje alternatieve sfeer.

3. Lekker eten is niet ingewikkeld in en rond Lyon. Op vier kilometer ten noorden van de stad kunt u aanschuiven in het restaurant van sterrenkok Paul Bocuse. In zijn Auberge du Pont de Collonges kunt u de truffelsoep proeven die de Franse president in 1975 naar binnen lepelde. Maar het kan ook anders. Zo is Lyon befaamd om zijn bouchons. Deze kantineachtige restaurantjes doen niet zo zeer vanwege hun culinaire niveau als wel vanwege de ambiance van zich spreken. Vroeger konden de zijdearbeiders op dit soort plekken zelfs om negen uur ’s ochtends een eenvoudige hap krijgen. La Meunière in de Rue Neuve is een van de twintig bouchons die zich authentiek mogen noemen. In grote schalen en potten liggen plakjes droge worst, grattons (krokant gebakken vetblokjes), augurken, patés en terrines.



4. Kijk niet verbaasd op als u de hoek omgaat en plotseling oog in oog staat met een gigantische trompe-l’œil. In de hele stad vrolijken kleurrijke schilderingen de muren op, zoals La fresque des Lyonnais op de hoek van de Quai Saint-Antoine en de Rue de la Martinière. Mannen en vrouwen die belangrijk zijn geweest voor de stad staan op deze blinde muur op het balkon: van Sainte Blandine tot Paul Bocuse. Hoe hoger u kijkt, hoe verder u teruggaat in de tijd. Le mur des canuts aan de Boulevard des Canuts is de grootste muurschildering van Europa. Op de geschilderde trappen speelt zich het dagelijks leven van de oorspronkelijke bewoners van de wijk zich af.



5. Wilt u het stadsrumoer even ontvluchten en een frisse neus halen? Daarvoor hoeft u de stad niet uit. Lyon biedt verschillende groene plekken om te wandelen, te picknicken of gewoon in het gras te liggen. Het grootste en bekendste park is La Tête d’Or, in het hart van de stad. Het dankt zijn naam aan de legende dat een gouden Christuskop in het park begraven zou zijn. Het groene domein van 117 hectare heeft zeven ingangen. Die van Porte des Enfants du Rhône biedt uitzicht op een groot meer. In het park bevinden zich vier rozentuinen, een botanische tuin en maar liefst duizend dieren. De dierentuin biedt onderdak aan onder meer flamingo’s, beren, tijgers, olifanten en anaconda’s.

Lees meer over de Lyon in het winternummer van En France 2011, vanaf pagina 46.
Share |